Risk & Safety2018-05-30T14:50:43+00:00

Risk & Safety

Risico’s zijn overal. Ook wanneer wij er niet direct invloed op hebben. Een risico is dan ook een onzekere gebeurtenis die invloed heeft op de veiligheid en continuïteit van een proces.

Risico en veiligheid gaan veelal samen. Met het nemen van veiligheidsmaatregelen beperken wij het ontstaan van een risico. De overheid richt zich tegenwoordig meer op het toezicht houden van preventiemaatregelen dan op repressie. Goede preventie levert ook minder incidenten op.

Veiligheid is een begrip dat vaak wordt geassocieerd met gevoel. Gevoel is echter persoonlijk. Wat voor de één onveilig is, is voor de ander toelaatbaar. Gelukkig zijn er dan ook afspraken vastgelegd in wet- en regelgeving,  zodat vormen van veiligheid beoordeeld en getoetst kunnen worden.

Goed Risicobeheer is een continu proces, waarbij de mogelijke risico’s worden geïdentificeerd en beoordeeld. Aan de hand van deze analyse worden de te nemen maatregelen omschreven en veelal ook getoetst op de uitvoerbaarheid. Theorie en praktijk kunnen soms verschillen.

Risico’s hebben invloed op de continuïteit van een organisatie. Het is daarom verstandig een goede risicoanalyse uit te voeren.

In een RI&E omschrijft u uw risico’s en te nemen maatregelen op (arbeidsveiligheid) en gezondheid. Elk bedrijf dient een RI&E te hebben opgesteld.
In een BCP wordt vastgelegd welke maatregelen worden getroffen wanneer een calamiteit / incident / dreiging zich voordoet. Dat kunnen zowel interne als externe oorzaak hebben. Veelal is de bedrijf continuïteit in het geding.
Een bedrijfsnoodplan is een draaiboek waarin wordt omschreven hoe te handelen in geval zich op het bedrijf een calamiteit voordoet. Dit plan richt zich veelal op de Bedrijfshulpverlening.
Voor veel gebouwen is een ontruimingsplan verplicht. In het ontruimingsplan wordt omschreven hoe te handelen in geval van een calamiteit wanneer een ontruiming noodzakelijk wordt geacht. In de NEN-8112 staat omschreven waaraan een ontruimingsplan moet voldoen.
Wanneer er een BHV-plan aanwezig is en er BHV-ers zijn opgeleid verdiend het de aanbeveling om jaarlijks een ontruimingsoefening te organiseren. Dit gebeurt om het ontruimingsplan daadwerkelijk in de praktijk te testen en te controleren of de getroffen veiligheidsmaatregelen nog wel aansluiten op de praktijk.
In een pand dienen vluchtwegplattegronden zichtbaar te zijn aangebracht. Deze vluchtwegplattegronden worden op cruciale plekken op gehangen met als doel de gebruikers van het pand te informeren hoe ze ingeval van nood het gebouw moeten verlaten.
Iedere werkgever moet voorbereid zijn op ongevallen, brand en ontruiming. In de Arbowet staat omschreven dat de werkgever verplicht wordt gesteld om afdoende maatregelen te treffen op het gebied van bedrijfshulpverlening. Dit houdt in dat de werkgever beleid op het gebied van bedrijfshulpverlening dient vast te leggen en personen aan moet wijzen die verantwoordelijk zijn als bedrijfshulpverlener.

Pva: Gebruiksvergunning/Bouwbesluit -> RI&E -> BHV-plan -> opleiden BHV-ers -> oefenen

In een pand zijn nagenoeg overal brandslanghaspels aanwezig. Deze brandslanghaspels hebben echter een beperkte reikwijdte en zijn bijvoorbeeld niet geschikt om een brand waarbij onder spanning staande apparatuur betrokken is. Hiervoor dient u een daarvoor geschikte brandblusser in te zetten. Ook kunt u eventueel een blusdeken gebruiken.

Het goed functioneren van blusmiddelen is essentieel om een beginnende brand te blussen. Het onderhoud aan blusmiddelen dient 1 a 2-jaarlijks plaats te vinden. E.e.a. conform Bouwbesluit 2012 (art. 6.31) en NEN-2559.

Het plaatsen van vluchtrouteverlichting en anti-paniekverlichting vereist specifieke kennis. Aan het plaatsen van een goede noodverlichtingsinstallatie gaat een duidelijke projectering vooraf. De vluchtrouteverlichting geeft de vluchtmogelijkheden weer en de anti-paniekverlichting stelt de gebruikers in staat om de plaats te bereiken waar de vluchtrouteverlichting de vluchtmogelijkheden weergeeft.

Het goed functioneren van noodverlichting en veiligheidssignalering is essentieel om in geval van een calamiteit een pand op een veilige en snelle manier te kunnen verlaten. Het onderhoud aan noodverlichting en veiligheidssignalen dient jaarlijks plaats te vinden. E.e.a. conform Bouwbesluit 2012 en NEN-EN-ISO-7010.
De aanwezigheid van een gebruiksklare BHV/EHBO kofferen Automatische Externe Defibrillator (AED)  is essentieel om in geval van een ongeval eerste hulp te kunnen verlenen. Het onderhoud van een BHV-EHBO-koffer en AED heeft meestal geen prioriteit. Helaas komt het vaak voor dat ingeval van een ongeval de koffer niet compleet is en de AED vanwege een zwakke accu niet volledig inzetbaar is.

Aan het plaatse van een brandmeldinstallatie gaat een risicoanalyse vooraf om te kunnen bepalen welke installatie geschikt is voor uw pand. Het analyseren van de brandrisico’s en wettelijke bepalingen bepalen de omvang en type van de benodigde brandmeldinstallatie. Moet deze conventioneel, geadresseerd, draadloos, etc.

Ontruimingsinstallaties zijn gericht op een snelle en gecontroleerde ontruiming van een pand. Een ontruimingsinstallatie informeert de gebruikers van een pand door middel van een slow-whoop signaal en een gesproken boodschap.

Brandmeld- en ontruimingsinstallaties maken essentieel onderdeel uit van het brandveilig gebruik van een pand. Deze installaties dienen veelal jaarlijks te worden onderhouden om gecertificeerd te blijven. Het onderhoud en beheer is vastgelegd in de NEN-2654-1.
Wanneer een pand is voorzien van een brandmeld- ontruimingsinstallatie dient een kundig persoon het onderhoud uit te voeren. De beheerder dient zorg te dragen voor het beheer, de maandelijkse controle en het jaarlijks onderhoud. E.e.a. is vastgelegd in de NEN-2654-1. Een opleiding ‘Beheerder Brandmeldinstallatie’ is noodzakelijk om voornoemde taken te kunnen uitvoeren.
Gebouwen moeten brandveilig worden gebruikt. Hiervoor gelden wettelijke regels die met name in het Bouwbesluit 2012 en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) worden omschreven. Ook kan er sprake zijn van een omgevingsvergunning brandveilig gebruik of een gebruiksmelding. De overheid richt zich tegenwoordig meer op de preventieve maatregelen dan op het repressieve. Dat houdt in dat inspectie vanuit Bouw en Woningtoezicht steeds frequenter gaan plaatsvinden. De inspecties richten zich veelal op de brandwerende compartimenten en het onderhoud van de brandmeld- en ontruimingsinstallaties. Bij afwijking daarvan dient e.e.a. binnen een bepaalde periode te worden hersteld. Indien hier geen gehoor aan wordt gegeven kan een dwangsom worden opgelegd.

Het plaatsen van rookmelders helpt u bij het vroegtijdig signaleren van een beginnende brand. Door het alarm van de rookmelder kunt u snel actie ondernemen door de brand te blussen en/of het pand te ontruimen.

Soms is het vanwege de omgeving niet mogelijk om een rookmelder te plaatsen. Een hittemelder kan dan een oplossing zijn.

Een koolmonoxide wordt niet door een gewone rookmelder gedetecteerd. Koolmonoxide is een zeer giftig, reukloos en onzichtbaar gas. Daarom is het van belang dat er naast rookmelders op cruciale plekken ook koolmonoxide wordt geplaatst.

In de Arbo-wet is vastgelegd dat werknemers zich in een veilige omgeving kunnen bewegen en werken en dat zij over de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen kunnen beschikken. Ook dienen veiligheidsmiddelen zoals BHV-koffers, AED’s, Evac-chairs, oogspoelstations, BHV-veiligheidshesjes etc. afhankelijk van de risico’s voorhanden te zijn.

Een goede en snelle communicatie is van groot belang wanneer er een incident of calamiteit ontstaat. Veelal raakt het mobiele telefoonnetwerk overbelast. Door gebruik te maken van portofoons is de communicatie gewaarborgd. Verder kunnen ook oproepsystemen worden geïnstalleerd waarbij de communicatie via displays van de pager verloopt. Dit systeem kan bijvoorbeeld worden gebruikt in een ruimte waar veel geluidsoverlast is.

Veiligheids Checklist Aannemers (VCA) certificering is van belang wanneer je wilt aantonen dat je organisatie voldoet aan de wettelijke eisen op het gebied van arbo, veiligheid en milieu. Veelal organisaties waarbij sprake is van een verhoogd risico voldoen aan de VCA certificering. Veel organisaties stellen het in het bezit hebben van het VCA certificaat als voorwaarde om bij hen werkzaamheden te mogen verrichten.

Om in het bezit te komen van een VCA certificering dien je naast een actuele Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E), werkplekinspecties uit voeren, ‘’ toolbox’’  overleggen te organiseren maar ook je personeel op te leiden.

Het opzetten van een veiligheids- en milieubeleid vereist bij gecompliceerde ondernemingen specifieke kennis die niet direct binnen de organisatie aanwezig is. Door de (tijdelijke) inzet van Veiligheidskundigen kan het beleid worden ontwikkeld en uitgewerkt.
De inzet van brandwachten geschiedt veelal bij werkzaamheden waarbij toezicht op de (brand)veiligheid noodzakelijk is. Denk hierbij aan het tijdelijk uit bedrijf stellen van een brandmeldinstallatie, werkzaamheden die vuurgevaarlijk zijn zoals dakbedekking maar ook grootschalige evenementen waarbij de toezicht op de brandveiligheid veelal vanuit de overheid wordt opgelegd.
Bij het met managen van crises komt veel kijken. Denk bijvoorbeeld aan de communicatie door het te woord staan van bijvoorbeeld de overheidsinstanties, media, aandeelhouders, leveranciers en niet te vergeten de familie van werknemers. Wie verzorgt dit, wie bepaalt wat er wordt gezegd en wie treedt als woordvoerder naar buiten.

Crisimanagement heeft veel te maken met het Business Continuity Plan waarbij samenwerking de boventoon voert. Hoe vaak wordt het ontstaan en de voortgang van een crisis beoefend?

Veiligheidsopleidingen zijn er in vele soorten en maten. Zo zijn er veiligheidsopleidingen op het gebied van werken op hoogte, gasmeten, werken in besloten ruimten, veilig werken langs de weg, omgaan met adembescherming, maar ook agressie-reductietraining en hoe om te gaan met geweld.